AutoScout24 vroeg Belgische automobilisten wat hun volgende auto wordt. Benzine: 36 procent. Hybride: 27 procent. Diesel: 13 procent. Volledig elektrisch: 11 procent. Elf. En dat terwijl datzelfde onderzoek laat zien dat de helft van diezelfde mensen verwacht dat brandstof de komende tien jaar duurder wordt.
Als je een nieuwe auto verkoopt, is dat een slecht bericht. Koop je tweedehands, dan ligt het anders — en precies dat verband wordt in de berichtgeving over dit onderzoek nergens gelegd.
Wat er gemeten is, en wat niet
Het gaat om koopintenties van particulieren. In België rijdt een groot deel van de nieuwe auto’s als bedrijfswagen de showroom uit, en die keuze maakt een fleetmanager, geen automobilist. De nieuwverkopen van elektrische auto’s staan er dus veel beter voor dan die 11 procent doet vermoeden. Wat dit onderzoek meet, is de particulier die met eigen geld beslist.
En die particulier zegt vooral: nog niet. De grootste hefbomen die hij zelf noemt zijn lagere gebruikskosten (37 procent), een lagere aanschafprijs (34 procent) en een laadnetwerk dat toereikend is (30 procent). Geen ideologie, gewoon rekenwerk. Daarnaast is 54 procent voorstander van het versoepelen van de Europese 2035-regels, tegen 21 procent die het huidige kader wil houden.
De optelsom die dit interessant maakt voor de occasionmarkt
Zet die twee gegevens naast elkaar. De zakelijke markt zet elektrische auto’s in de leasecontracten van vandaag. Na drie tot vier jaar komen die auto’s vrij en belanden ze op de tweedehandsmarkt. Daar staat een particuliere koper die volgens dit onderzoek voor 11 procent geïnteresseerd is.
Veel aanbod, weinig vraag: dat is geen mysterie, dat is een prijs die zakt. Voor wie wél elektrisch wil rijden, is de gebruikte markt de komende jaren dus vermoedelijk de gunstigste plek om in te stappen — niet de showroom. Precies andersom dan bij benzine-occasions, waar de vraag hoog blijft en de prijs dus stug is.
Eén nuance die je erbij moet houden: een lage restwaarde snijdt twee kanten op. Je koopt goedkoop in, maar je verkoopt over vier jaar ook goedkoop door. Reken dus niet met de aanschafprijs alleen, maar met wat de auto je per jaar kost. Bij een goedkope elektrische occasion zit je winst in het gebruik — laden, onderhoud, geen distributieriem — en niet in de doorverkoop.
Waar je op moet letten bij een tweedehands elektrische auto
- Vraag een accurapport, geen praatje. Elke fabrikant kan de State of Health uitlezen; wie dat niet wil doen, heeft daar een reden voor.
- Check hoeveel er snelgeladen is. Een auto die vier jaar lang alleen aan de snellader hing, is anders behandeld dan een auto die ’s nachts thuis laadde.
- Kijk naar de resterende accugarantie in jaren én kilometers, en of die overdraagbaar is naar jou als tweede eigenaar.
- Neem de laadkabels mee in de deal. Een losse type 2-kabel en een thuislaadpunt tellen zo op tot een paar honderd euro.
- Rij hem koud weg tijdens de proefrit. Het verbruik dat je bij een warme accu ziet, is niet het verbruik van een ochtend in februari. Onze checklist voor de proefrit geldt hier onverkort.
Ons oordeel
De koppen bij dit soort onderzoeken gaan altijd over de vraag of de elektrische auto “mislukt” is. Dat is de verkeerde discussie. Wat hier staat, is dat particulieren wachten tot het goedkoper wordt — en dat is precies wat er op de tweedehandsmarkt aan het gebeuren is. Wie nu twijfelt tussen nieuw elektrisch en gebruikt elektrisch, kan die twijfel het beste laten beslissen door de kilometerprijs.
Twijfel je juist tussen brandstof en stekker, lees dan ook wanneer een tweedehands hybride echt loont. En zit je in het lagere segment, dan is waar het risico zit onder de 5000 euro nog altijd het eerste dat je moet weten.
Bron: AutoScout24, 13 augustus 2026.